Harry Tupan: ‘Het Drents Museum is een enorm belangrijke economische katalysator voor Assen’

Harry Tupan is het type museumdirecteur die altijd een glimlach op z’n gezicht heeft en praat vol humor en gedrevenheid over zijn vak. Hij is een Drent in hart en nieren en heeft z’n hart verpand aan de provincie en de cultuur. Hij vertelt het niet graag, maar volgend jaar werkt hij al veertig jaar voor zijn geliefde museum, dat onder zijn leiding vorig jaar de “Kunst-Oscar” won voor de tentoonstelling over Iran. Redenen te over voor Entrepreneur om in gesprek te gaan.

De werkkamer van Tupan is minimalistisch ingericht en kijkt uit op de tuin. Er staat een grote rode tafel. Zonder computer of laptop. Een grote wand is gevuld met boeken en een paar kleine, opvallende voorwerpen die verwijzen naar drie grote successen van het Drents Museum uit het verleden: Het Terracotta Leger van Xi’an – Schatten van de eerste keizers van China (2008) en Kazimir Malevich – De jaren van de figuratie (2014). Maar ook een boek over kunstenares Frida Kahlo valt op. ‘Dat boek had ik al tijden in de kast en lag mij altijd al aan te staren. Ik had telkens de droom om iets te doen met de kunst van dit icoon. Daarom ben ik begin dit jaar naar Mexico-stad afgereisd om te spreken over een prachtige tentoonstelling die naar Drenthe komt. Ik ben heel trots dat het nu gelukt is’, vertelt hij glimlachend.

Tupan (Hoogeveen, 1958) studeerde kunstgeschiedenis en museologie en ging na een stage eind jaren zeventig aan de slag bij het Drents Museum. Hij begon op de historische afdeling en werd later conservator gespecialiseerd in kunstnijverheid en zilver. Daarna klom hij op naar de functie van onderzoeker en adjunct-directeur, om in 2017 benoemd te worden tot algemeen directeur van het Drents Museum.’ Een functie die hij deelt hij met zakelijk directeur Annelies Meuleman. ‘Zij runt de binnenkant van de toko met financiën, facility en personeelszaken. Het is een belangrijke ondersteunende afdeling, waardoor ik de ruimte heb om met mijn teams bezig te zijn met creatieve, wetenschappelijke en inhoudelijke aspecten binnen het museum’, legt Tupan uit, die zogezegd volgend jaar veertig jaar in dienst is. ‘Ik heb vaak aansprekende functies aangeboden gekregen in andere, grotere musea, maar ik houd heel erg van Drenthe en heb een ambitie met het museum.’

Museum als marktplaats
Die ambitie komt naar voren in het doel van het museum. ‘Nog meer dan we nu al doen, wil ik er heel sterk voor het publiek zijn’, begint hij zijn verhaal. ‘Niet alleen voor het Drentse, maar voor het hele Nederlandse publiek. Er komen ieder jaar heel veel mensen naar Assen om te genieten van onze verhalen die we vertellen en dat is wel een speerpunt. Ik wil dan ook dat het museum een soort “marktplaats” is waar mensen elkaar kunnen ontmoeten, waar dialoog is, waar van kunst genoten kan worden, maar waar je ook gewoon lekker een kopje koffie of een taartje kunt eten, of ‘s middags een broodje met een kroketje.” Tupan benadrukt dat het doel is om het museum onderdeel te laten zijn van de samenleving. ‘Dat doe je door goede projecten te organiseren en mensen te verleiden om naar Assen toe te komen.’ En dat wil aardig lukken. De tentoonstelling Iran – Bakermat van de beschaving trok vorig jaar een record aantal bezoekers en won daarbij in New York de Youniversal Award bij de uitreiking van The Global Fine Awards (GFAA). Een prijs die ook wel wordt beschouwd als de “Oscars” binnen de museumwereld. ‘Dat is bizargoed voor ons, maar ook iets waar je niet te lang bij stil moet blijven staan. Het is als een steen die je in de lucht gooit: hij komt ook weer terug. Daarom ben ik heel erg blij met Sprezzature, een tentoonstelling met kunst uit Italië die nog tot en met 3 november te zien is. En die loopt ook heel goed. Elke zondag krijg ik de bezoekerscijfers door en laatst hadden we een week met over de 5500 bezoekers. Dat is gewoon heel veel, zet die maar eens bij elkaar, dan heb je een aardig plein vol.’

Moeilijke landen
Maar toch nog even terug naar Iran en het succes van die tentoonstelling. Hoe verklaart Tupan het succes? ‘Het Drents Museum kent drie speerpunten: archeologie, kunst rond 1900 en de hedendaagse figuratieve kunst. En die speerpunten en mijn nieuwsgierigheid daarvoor hebben mij gebracht naar verre landen en soms ook “moeilijke” landen, zoals vorig jaar dus Iran’, aldus Tupan. Hij vervolgt: ‘Moeilijke landen heb ik nooit geschuwd. We werken vaker samen met “gekke” landen. Zo hebben we in het verleden een tentoonstelling over Noord-Korea gemaakt, maar altijd wel in het perspectief van onze speerpunten. Wat is nou mooier dan dat je met kunst en cultuur wel bereikt wat je met de echte diplomatie niet kan’, legt de museumdirecteur uit. ‘Met cultuur blijf je altijd samenwerken. De spanningen tussen landen kunnen nog zo groot zijn, maar wij kunnen als culturele instelling altijd nog gewoon met ingewikkelde landen iets blijven doen. Daar houd ik heel erg van, onorthodox werken. En dat valt op, denk ik.’

Echt zelden nemen wij een tentoonstelling “tailormade” over

Maar het Drents Museum is niet het enige museum in Noord-Nederland dat weet te scoren met bijzondere tentoonstellingen. Ook het Groninger Museum en het Fries Museum trekken volop de aandacht met aansprekende tentoonstellingen. ‘Ik heb een hele goede relatie met de directeuren van beide musea, maar ook met Ralph Keuning van de Fundatie in Zwolle’, zegt Tupan. ‘Ik ben geen man van concurrentie, maar juist een man van samenwerken. Maar het Drents Museum is wel onderscheidend. Wij maken de producties die in Assen te zien zijn voornamelijk zelf. Echt zelden nemen wij een tentoonstelling “tailormade” over. Waar het Groninger Museum de tentoonstelling over The Rolling Stones (vanaf oktober 2020) “inkoopt”, hebben wij de tentoonstelling over Frida Kahlo die we zelf maken en inrichten. Er komen grote collecties uit Mexico-Stad over, dat wordt echt heel bijzonder.’

New York, Londen…Assen
Zoals gezegd kijkt Tupan enorm uit naar de tentoonstelling over de Mexicaanse kunstenares Frida Kahlo (1907-1954) die vanaf 12 oktober 2020 in Assen te zien is. Het is volgens hem een unicum dat er een expositie met werk van haar met schilderijen, tekeningen en persoonlijke spullen in Nederland te zien is. ‘Op die manier kunnen we doen waar we goed in zijn, namelijk: een menselijk verhaal vertellen. Kahlo was heel belangrijk in de geschiedenis. Ze kwam op voor vrouwen, ze was een socialiste en communiste en schopte tegen de gevestigde orde aan. Alles wat nu actueel is, had zij al in zich. Zo kleedde ze zich als jong meisje al als jongen. Heel ongebruikelijk in die tijd. Daarom is het juist nu bijzonder om een tentoonstelling over haar te kunnen presenteren’, zegt de directeur trots.

Waarom zou een museum in een wereldstad beter zijn dan in een kleine stad als Assen?

Om dat allemaal mogelijk te maken, vloog Tupan de afgelopen tijd meerdere malen naar Mexico-Stad voor het bezoek aan Museo Dolores Olmedo, waar de besprekingen plaatsvonden van de Frida Kahlo-tentoonstelling. ‘Dat was echt bijzonder. Toen ik bij het museum aan tafel zat, zeiden ze: “Jullie zijn de allereerste die hier komen om met ons te overleggen. Je kunt ook met de mail of per telefoon contact hebben, maar ik heb de voorkeur om er gewoon zelf heen te gaan. Om die reden heeft Assen een hele hoge gunfactor’, zegt Tupan. ‘Waar tentoonstellingen over Kahlo normaal te zien zijn in wereldsteden als New York, Londen of Budapest, lukt het nu ons dus ook in Assen, of all places. Daar ben ik trots op, maar eigenlijk zegt mij dat ook helemaal niets. Waarom zou een museum in een wereldstad beter zijn dan in een kleine stad als Assen? Kwaliteit zit niet in de grote van de plek waar het museum staat. Daar ben ik van overtuigd.‘ Toch was de verbazing wel groot toen het Drents Museum de “Kunst-Oscar” won. Tupan: ‘Ja, dat was ook zo, maar het kwam zo goed uit, ik kon niet naar die uitreiking toe omdat ik bij de opening van diezelfde Iran-tentoonstelling in een museum in Alicante was. Toen stonden we op dat moment ook in Spanje in het middelpunt van de belangstelling. We konden echt geen betere start wensen. En Iran was helemaal blij. Dat was echt top en kun je van tevoren gewoon niet bedenken. Dat was een heel mooi moment.’

Iconen van Drenthe
Dan terug naar de plannen met Drenthe en de Drentse collectie. Tupan legt uit: ‘In een sectoradvies van De Raad van Cultuur over de ratrace naar succes van de Nederlandse musea, kwam als hoofdboodschap naar voren dat veel Nederlandse musea hun eigen collectie veronachtzamen. En dat begrijp ik wel. Ook onze eigen collectie verdient meer aandacht. Wij hebben een unieke collectie met echt heel bijzondere items die ik anders wil gaan aanvliegen. Niet alleen vanuit een regionaal perspectief, maar ook vanuit een nationaal, liefst internationaal perspectief.’ Hij vervolgt:  ‘Wat veel mensen niet weten, is dat toen ze in Amsterdam en de Randstad nog met de voeten in het water stonden, we hier in Drenthe al beschaving hadden met de Trechterbekercultuur en hunebedden.’ En daar horen bijzondere voorwerpen bij. ‘Zo is in Drenthe de oudste boot ter wereld gevonden, die stamt uit 8.000 voor Christus. De beschaving is hier begonnen en dat wil ik laten zien. Om die collectie beter te presenteren, wordt de oudbouw leeggehaald en komt er in 2022 of 2023 een nieuwe collectiesamenstelling  waarin we de Iconen van Drenthe optimaal kunnen laten zien. Onder andere De boot van Pesse, Het Meisje van Yde en het schilderij ‘De Turfschuit’ van Vincent van Gogh. Ook onze figuratieve kunst komt met Matthijs Röling als boegbeeld terug.’ Daarbij heeft het museum een stuurgroep opgericht waarin onder andere Stichting Drentse Toal, het Drents Archief en de Stichting Het Drentse Landschap een plek hebben. Daarmee willen we Drenthe echt opnieuw “laden”, licht Tupan toe.

Het zou toch geweldig zijn als elke bezoeker straks toch minstens twee woorden Drents kent

Ondertussen gaat een deel van de collecties tijdelijk in de opslag en dat vindt de directeur zonde. ‘Ik wil dat onze collecties gezien worden. Daarom gaat onze  archeologiecollectie nu bijvoorbeeld naar Alicante in Spanje. Maar wat nog leuker is, is dat we vorig jaar een verzoek vanuit China hebben gekregen om daar een doorsnee van onze collectie in zeven grote steden te laten zien. Dat vind ik echt fantastisch en bizar tegelijk.’ Tupan denkt dat dit te verklaren is door de jarenlange samenwerking met China. ‘Zij zijn onder de indruk van de spullen die wij hebben, dus nu gaan we gewoon een tentoonstelling voor hun maken. Daarmee promoten we Drenthe en Drenthe doet er toe.” En dat is een verschil met hoe er vroeger naar de provincie werd gekeken. ‘Het kan zijn dat ik er te zwaar aan til, maar vroeger was het zo dat mensen neerkeken op Assen.’ Hoe anders is het nu met een bezoekersaantal van 240.000 in 2018 – het museum mag niet klagen.  ‘Dat hoge bezoekersaantal komt, denkt Tupan, doordat er in Drenthe nog rust en ruimte is. Daar waar de Randstad volloopt en er bijna Venetiaanse toestanden in Amsterdam ontstaan, is het hier nog veel gemoedelijker en dat laat ik graag zien. Net zoals de Drentse taal. Het zou toch geweldig zijn als elke bezoeker straks toch minstens twee woorden Drents kent’, zegt hij lachend.

 

Economische katalysator
En niet alleen het Drents Museum zelf helpt mee om Assen op de kaart te zetten. ‘Onze economische spin-off is heel groot. Gemiddeld laten onze bezoekers bij grote blockbuster-tentoonstellingen vijftig euro per persoon achter bij het MKB in de binnenstad, me dunkt. Dat is nogal wat.’ De samenwerking met de middenstand in Assen is enorm. ‘Als er een aansprekende expositie is, dan spelen de ondernemers in Assen daar volop in. Dat zie je nu ook weer met Sprezzatura’, weet de directeur. ‘Er hangen Italiaanse vlaggen door de stad en ik zie overal Vespa-scooters in de etalages staan. Mensen doen gewoon mee. De middenstand heeft al langer ontdekt dat wij een belangrijke economische katalysator zijn. En daar ben ik natuurlijk heel blij mee.’

Jouw doel zou eigenlijk moeten zijn om mij van die stoel af te krijgen

Zo nodigt hij voor iedere grote tentoonstelling de middenstanders in Assen uit en vertelt hij ze wat het museum gaat doen en hoe ondernemers daarop kunnen inspelen. Dat is heel belangrijk, want onbekend maakt immers onbemind.’ Tupan probeert zo zichtbaar mogelijk te zijn in de stad. ‘Je moet ondernemers leren kennen en met hen samenwerken, maar ook helpen. Dus ik vind het prima als onze bezoekers niet bij ons in Café Krul een broodje eten, maar een restaurant in de binnenstad opzoeken of ‘s avonds voor vertrek nog even in onze stad dineren. Als je het huidige centrum van Assen vergelijkt met dat van 25 jaar geleden, dan is dat echt een wereld van verschil. Toen was er een klontje bij Hotel de Jonge, maar nu zijn er verschillende horecapleinen waar het goed toeven is. Dat is uiteindelijk allemaal een gevolg van een goede samenwerking in de binnenstad.’

Durven dromen
Harry Tupan is nu bijna drie jaar directeur bij het museum. Heeft hij nog veel dromen en ambities? (lachend). ‘Ah man, dat vind ik de leukste vraag die er is; ik droom namelijk altijd. Dat is ook een van mijn motto’s. Ik wil dat mensen blijven dromen. Je moet altijd over het onmogelijke kunnen nadenken en proberen dat mogelijk te maken. Niet geschoten is altijd mis en dat is ook de kracht van het museum. We geloven in grote dingen en kunnen dat nog waarmaken ook.’ Daarbij heeft hij zijn hele team nodig. ‘Uiteraard sta ik als algemeen directeur bovenaan de organisatie, maar ik ben wel een type leider die wil dat mensen vanuit zichzelf functioneren. Dat betekent dat je mensen heel veel ruimte moet geven en dat je eigen ideeën en initiatieven altijd moet stimuleren. Ik hou er heel erg van als mensen buiten de randjes werken. Ik geef mensen graag ruimte en vrijheid. Op die manier gedijen ze beter in een organisatie. Laatst zei ik tegen één van de conservatoren hier: “Jouw doel zou eigenlijk moeten zijn om mij van die stoel af te krijgen”. Dat zou ik hartstikke mooi vinden!’

Tekst: Walter de Boer | Fotografie: Elsbeth Hoekstra 

 

 

 

 

Geef een reactie