Jan Dobben (VolkerWessels): de man van (bijna) 100 miljoen

Hij geeft leiding aan een bouwbedrijf in Noord-Nederland met 200 medewerkers. De omzet van het bedrijf waar hij als directeur de dagelijkse leiding heeft, passeert dit jaar waarschijnlijk de grens van 90 miljoen euro, en zal op korte termijn over die van de 100 miljoen gaan. Jan Dobben, sinds 2011 de hoogste baas van de noordelijke tak van dit landelijke (nu nog) familiebedrijf VolkerWessels, constateert tevreden dat het duidelijk de goede kant op gaat met de bouwsector, ook in het Noorden.

‘Ja, het gaat steeds beter. Gelukkig zijn wij er de afgelopen jaren steeds in geslaagd om zwarte cijfers te blijven schrijven, en de afgelopen 17 jaar dat ik leiding geef, heb ik nooit rode cijfers hoeven laten zien. Maar dat het nu duidelijk beter gaat dan enkele jaren geleden, wil absoluut niet zeggen dat we nu wel een tandje lager kunnen. Dat kan eigenlijk nooit, en zeker niet in het Noorden. Het blijft scherp aan de wind zeilen. En het is, denk ik, ook onze kracht om in goede tijden je klanten optimaal te blijven bedienen, omdat je ze ook weer in mindere tijden nodig hebt en andersom. Wij gaan voor langdurige relaties en niet voor korte termijn politiek!’, geeft Dobben enige inzage in de bedrijfsstrategie van VolkerWessels Bouw & Vastgoedontwikkeling Noord.

Tot de groep waar hij leiding aan geeft, behoren de werkmaatschappijen Rottinghuis’ Aannemingsbedrijf bv, Koenen bv en Reitsma Drachten bv. Deze behoren tot de bekendste bouwbedrijven van Noord-Nederland, en zeker tot de grootste.

We spreken Jan Dobben in een statig kantoorpand van Rottinghuis aan het Hereplein in Groningen. Aan de ruime tafel spreekt hij met steeds meer vuur over zijn loopbaan, zijn werk en zijn passie.

Dobben, geboren in het Drentse Odoorn en een echte Drent (‘ik ben van de turf, jenever en achterdocht’) studeerde aan de Pedagogisch Technische Hogeschool Nederland in Eindhoven, met als specialisatie ‘uitvoeringstechniek’.  Na zijn studie ging hij aan de slag als calculator/werkvoorbereider bij Simon Benus Bouw. Vervolgens, vier jaar later, werd hij projectleider bij Koenen Bouw bv (1996-2000), waarna hij in het jaar 2000 directeur werd bij KondorWessels Noord. In 2005 werd hij directeur van Rottinghuis’ Aannemingsbedrijf bv, waarna hij in juli 2011 ook werd benoemd tot directeur van Reitsma Drachten Bouw & Vastgoedontwikkeling bv en Koenen Bouw bv.

Een begenadigd timmerman als vader

‘Dat ik ooit in de bouwwereld zou willen werken, dat wist ik al van jongs af aan. Mijn vader was timmerman, en dat heb ik met de paplepel binnen gekregen. Iets maken heb ik altijd gewéldig gevonden, en dat vind ik nog steeds. Helaas ben ik niet zo’n begenadigd timmerman als mijn vader, al kan ik het wel een beetje. Daarom heb ik denk ik zo veel respect voor alle vaklieden, van tegelzetter tot loodgieter, die dat soms echt fantastisch kunnen’, aldus Dobben.

Hij was altijd al een zelfstandig baasje. Toen hij van de MTS af kwam, wilde hij het liefst het huis uit. Daarom wilde hij niet in Groningen of Zwolle gaan studeren, maar in Eindhoven, zodat hij op kamers kon, de vrijheid tegemoet.

‘Daarom koos ik voor de Pedagogisch Technische Hogeschool aldaar. Eigenlijk was het gewoon een HTS, maar met pedagogiek er bij. Maar dat laatste onderdeel was niks voor mij’, grinnikt Jan Dobben.

Papa- en mamabedrijven

Nadat hij die studie had afgerond, werd hij uitgenodigd om bij de Technische Universiteit te gaan studeren, maar dat weigerde hij omdat hij bang was na afloop van die studie bij grote aannemersbedrijven aan de slag te moeten. ‘Daar had ik geen zin in. Toen niet, althans. Wat ik wilde was ervaring op doen bij kleine, ‘papa- en mamabedrijven’. Dát zijn bedrijven waar je echt iets kunt leren op het gebied van ondernemerschap.’

Dat hij zo ondernemend is, is volgens Dobben iets dat er al van jongs af aan heeft ingezeten. Van zijn ouders heeft hij vooral arbeidsmoraal meegekregen. ‘Wat iemand ook van je vraagt: zorg dat je het goed doet. Je moet werken en niet op de klok kijken’, was de les die hij mee kreeg. Zo kijkt hij er nog steeds tegen aan. Plezier in het werk staat voorop. ‘Werken is mijn hobby’, zegt Dobben.

‘Als ik aan de leiband moet lopen, val ik af’

Maar al snel nadat hij zijn eerste baan had aanvaard, werd duidelijk dat Dobben leidinggevende capaciteiten heeft. Al na een jaar liet hij zich ontvallen dat hij het liefst zelf leiding zou geven. ‘Ik heb een ongelooflijke drive en een hekel aan mensen boven mij. Dat is nu eenmaal zo, ik zeg het maar zoals het is. Ook nu, als directeur bij het familiebedrijf VolkerWessels, wil ik volledig operationeel zelfstandig zijn. Als ik aan de leiband moet lopen, dan val ik af. Dat heb ik nodig. Nog steeds ga ik zo min mogelijk keren per jaar naar het hoofdkantoor. Maar dat wordt gerespecteerd, dat begrijpen ze. Op die manier zorg ik er wel voor dat we de afgesproken doelstellingen halen.’

De bouwsector in Nederland, en zeker in Noord-Nederland, komt van ver. Het zijn, sinds in 2008 de crisis uitbrak, moeizame jaren geweest. ‘Maar eigenlijk zag ik het al eerder aankomen. Eind 2007 al gaf ik aan bij de Raad van Bestuur dat er een verkoopstop was in Noord-Nederland. Wij merkten heel weinig van transacties. En daar kwam vervolgens de crisis achteraan. In totaal heb ik één keer, in 2014, een saneringsronde moeten doorvoeren. Dat is eigenlijk het enige geweest dat wij hebben moeten doen. Wij hebben de afgelopen jaren wel ingezet op een duurzame relatie met klanten, en dat zullen we blijven doen nu het beter gaat. Als het straks weer minder gaat, denken ze ook aan jou.’

‘In het Noorden hebben we één geluk: we zitten altijd in crisis’

Een andere belangrijke strategie van zijn bedrijf in het Noorden was om al in een zo pril mogelijk stadium bij projectontwikkelingen betrokken te raken, of om daar zelf initiatieven toe te nemen. Als je te laat in actie komt, vis je achter het net.

Over de positie van de bouwsector in Noord-Nederland, in vergelijking tot die in andere regio’s zegt Dobben: ‘Wij hebben in het Noorden één geluk: wij zitten hier altijd in crisis. De markt klapt hier altijd als eerste in, en herstelt als laatste. De cyclus is hier dus heel erg kort en beperkt, en dat is de norm in Noord-Nederland. Dat klinkt misschien raar, maar die situatie dwingt je er wel toe om creatief en snel te zijn, want als je dat niet doet, zul je de wedstrijd nooit winnen. Je bent dus gedwongen om scherp te zijn.’

‘Wij halen als groep onze omzet alleen uit Noord-Nederland. Ik ben vrij om dat te veranderen, maar dat wil ik niet. Ik wil onze jongens niet een uur in de auto laten zitten naar hun werk, en ’s avonds weer een uur naar huis. Dat kan ik me niet permitteren en ik vind dat ik dat ook niet kan maken.’

Welke belangrijke ontwikkeling voor de bouwsector voorziet u voor de komende jaren?

‘Die is nu al duidelijk ingezet: de snelheid van bouwen gaat omhoog. Dat kan omdat er steeds meer onderdelen van te voren kunnen worden klaargemaakt, het wordt allemaal fabrieksmatiger. En daarbij zal door de digitale revolutie de betekenis van data ook enorm gaan toenemen. Dat klinkt misschien bouw-vreemd, maar het is een ontwikkeling die er aan zit te komen. Dankzij big data krijg je steeds meer informatie over wat de consument wil. En dat betekent dat wij over projecten kunnen nadenken die aan die wensen tegemoet kunnen komen. En daarom hebben wij iemand aangenomen die ons kan helpen met big data.’

‘Een andere ontwikkeling is dat woningen in ruimtelijk perspectief getoond kunnen worden. Het wordt – kort gezegd – allemaal meer high tech en als organisatie moet je daar op anticiperen.’

Wat is de belangrijkste les die u heeft geleerd sinds u bij uw bedrijf in het Noorden aan het roer bent komen te staan?

‘Dat je authentiek moet zijn! Blijf dicht bij jezelf. Je bent wie je bent, en je moet gewoon maar accepteren dat een deel van de mensen je toch niet mag.’

Jan Dobben denkt nog even na, en vervolgt: ‘Een andere les die ik heb geleerd, en die ik ook graag doorgeef is: schiet met kogel, en niet met hagel! Maak keuzes en ga er voor. Als je eenmaal ergens voor kiest, dan is het het beste dat je er blind voor gaat, en dan heb je de grootste kans op succes. Maar als je altijd maar voorzichtig bent, en je schiet met hagel, dan heb je een veel grotere kans dat het allemaal drie keer niks wordt. Dus: kies wat je wilt, en go for it’.

Waar haalt u uw inspiratie vandaan?

‘Jonge mensen zijn mijn inspiratiebron! Mijn eigen kinderen, en jonge mensen binnen de eigen organisatie. Ik vind het trouwens ook heel erg belangrijk dat je zorgt voor andersdenkenden in je organisatie, en om je heen. Creativiteit vind ik enorm belangrijk. Dat is bijvoorbeeld ook een reden dat ik sponsor ben van het Noord Nederlands Orkest (NNO). Persoonlijk heb ik weinig met muziek. Althans: ik luister er graag naar, maar ik kan geen noot lezen. Maar anderen zijn daar erg goed in en ik ben er van overtuigd dat zoiets voor de noordelijke economie van groot belang is. Creativiteit boeit me dus ook, en ik haal ook daar inspiratie vandaan. Oh, ja nog een andere inspiratiebron: sommige collega’s in het Noorden, waar ik erg tegenop kijk.’

Wat vindt u het mooie, of uitdagende, aan werken in de bouw?

‘Even ter inleiding op mijn antwoord: het is wel zo dat hoe hoger je komt in de regionen van grote bedrijven, en dus ook bij ons, hoe minder je met de uitvoering te maken hebt. Dat mis ik wel eens. Maar ja, je moet keuzes maken, en die heb ik gemaakt, je kunt niet alles hebben. Maar verder is de bouwsector gewoon práchtig. Het is mooi om iets te maken, om bij zo’n proces betrokken te zijn. Voor mij persoonlijk komt daar nog bij dat ik regie kan voeren op dat proces. Dit bedrijf geeft me de vrijheid om dat op mijn manier te doen. Eigenlijk is het enige dat ik hoef te doen is te zorgen dat er hier centjes komen…’

Geef een reactie