‘Diversiteit in een managementteam is het beste’

Hoe word je een krachtig leider? Is er verschil in leiderschap tussen ondernemers en managers? Zijn er voldoende vrouwelijke leiders in de bedrijven en instellingen in het Noorden? Is er een soort toverformule om een betere leider te worden?

Als er iemand is die antwoord kan geven op vragen als deze over leiderschap dan is het wel de Groningse hoogleraar dr. Janka I. Stoker. Zij is hoogleraar Leiderschap en Organisatieverandering aan de Faculteit Economie en Bedrijfskunde (FEB) van de Rijksuniversiteit Groningen (RuG). Ze is er tevens vicedecaan. Janka Stoker behoort in Nederland tot een van de meest geraadpleegde en in de media gretig geciteerde specialisten op het gebied van leiderschap.

En dat leidt dan tot de meest uiteenlopende nieuwskoppen boven artikelen in uiteenlopende media. ‘Niet doorslaan in de illusie van controle’, was bijvoorbeeld een intrigerende kop boven een artikel in het blad De Gids. Daarin laat prof. Stoker weten dat leiders in de tijd voorafgaande aan de kredietcrisis misschien te veel hun gang konden gaan, maar dat we nu niet moeten doorslaan naar de andere kant. ‘Als we niet oppassen, dreigen we in situaties te belanden waarbij het uitgangspunt “wantrouwen” is: bewijs maar dat je geen fouten hebt gemaakt. Dit heeft mogelijk twee negatieve consequenties: de cultuur in organisaties wordt er niet beter op omdat mensen zich voortdurend gecontroleerd voelen en verantwoording moeten afleggen. Bovendien kan het leiden tot veel bureaucratie en een eindeloze hoeveelheid papierwerk, waarbij doel en middel volstrekt door elkaar heenlopen’, zo laat ze weten.

Een andere prikkelende kop was boven een artikel in dagblad Trouw: ‘Máxima is toonbeeld van modern leiderschap’. Volgens de Groningse hoogleraar verenigt de prinses in haar optreden masculiene en feminiene kwaliteiten. Die combinatie blijkt het meest effectief.

Een andere kop dateert van 2009, boven een artikel op de website van de RuG: ‘In tijden van crisis is er behoefte aan vrouwelijk leiderschap’. En in NRC Handelsblad meldt de Groningse hoogleraar dat Rutte ‘nu leiderschap moet laten zien’. Boven een interview met het Duitse blad Die Welle staat een interview met de kop: ‘Bij meer dan 20% vrouwen in management is kantelpunt bereikt’. En het blad Personeelsbeleid plaatst als kop boven een artikel: Janka Stoker: ‘Leidinggevenden lopen vaak in de weg’. Ook dat nodigde uit tot lezen.

Kortom: media uit alle delen van het land weten de weg naar de ‘Duisenberg Building’ van de Groningse universiteit te vinden, het grootschalige kantoorgebouw waar de hoogleraar haar werkkamer heeft. Prof. Stoker heeft, dat mogen we wel concluderen, in betrekkelijk korte tijd naam gemaakt en gezag verworven met analyses over leiderschap.

Janka Stoker (1970) doceert weliswaar aan de faculteit economie en bedrijfskunde, maar ze studeerde psychologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en promoveerde in 1998 aan de Universiteit Twente op het proefschrift ‘Leidinggeven aan zelfstandige taakgroepen.’ (Een iets minder aansprekende titel dan de krantenkoppen overigens…). Momenteel maakt ze ook deel uit van de RvC van de Twentse universiteit.

JankaStoker-EconomieRUG-6

Waar komt uw fascinatie voor leiderschap vandaan?

‘Dat ik me bezig ben gaan houden met het thema leiderschap is niet iets waar ik vanaf mijn middelbare school naar heb gestreefd. Ik ben er min of meer in gerold. Na mijn studie psychologie aan de Rijksuniversiteit Groningen heb ik gesolliciteerd op een promotieplek bij technische bedrijfskunde in Twente, met als thema Leiderschap en Innovatie. Ik ben daarop geselecteerd, en het is dus deels toeval dat het nu mijn specialisme is geworden. Maar anderzijds: ik houd me er nu al meer dan twintig jaar mee bezig. Ik vind het dus nog steeds zeer boeiend om er meer over te weten te komen, omdat goed leiderschap van groot belang is voor een organisatie. Ook omdat het van belang is voor mensen in organisaties. En in de derde plaats omdat bedrijven met goede leiders echt veel beter presteren.’

Dat ze zelf psychologe is en geen econoom vindt ze een voordeel, want psychologie en economie komen waar het de studie van leiderschap betreft steeds meer naar elkaar toe.

Is er een verschil in leiderschap tussen een ondernemer en een manager?

‘Er wordt veel wetenschappelijk onderzoek gedaan naar verschillende types leiderschap, maar dat richt zich toch vooral op microniveau. Je kunt een leider zijn met visie, iemand die dingen in beweging brengt en vernieuwt. En er zijn leiders die meer beheersmatig bezig zijn, de boel op orde willen hebben en zich richten op het hier en nu. De laatste eigenschappen horen meer bij een manager, en ondernemers hebben vaak de eerst genoemde eigenschappen. Eigenlijk heb je als ondernemer beide eigenschappen nodig. Maar als je die niet hebt, kun je als ondernemer ook de ontbrekende kwaliteiten om je heen verzamelen. Als je zeer goed bent in ondernemen, maar minder in beheer, zoek dan voor dat managementgedeelte iemand om je heen die daar goed in is.’

Heb je een ander type leider nodig in een bedrijf of organisatie nu er sprake is van crisistijd?

‘Dat is niet zo eenvoudig te beantwoorden. Het hangt af van het type organisatie, en ook van het type crisis: bijvoorbeeld is het twee voor twaalf, of is er meer tijd. De vraag is vervolgens wat deze economische crisis doet met je organisatie. Daar moet je een analyse van maken, en daar vervolgens op reageren.’

JankaStoker-EconomieRUG-5

Wat is de ideale leider?

‘Daar zijn diverse studies naar gedaan, en daaruit blijkt eigenlijk altijd dat de ideale leider niet bestaat, maar dat effectief leiderschap afhangt van de situatie. En veel onderzoek richt zich dus op het in kaart brengen van die situaties in combinatie met typen leiderschap. Zo heb ik zelf in samenwerking met het weekblad Intermediair onderzoek gedaan naar het beeld van de ideale leider voor en na de financiële crisis. De crisis leidde tot veel kritiek op masculien, dominant, sturend en op eigenbelang gericht leiderschap. Je zou denken dat het ervaren van de crisis bij mensen leidt tot een ideaalbeeld waar meer waardering is voor feminiene kwaliteiten en voor leiderschap gericht op het algemeen belang. Maar uit dat onderzoek bleek dat mensen na de crisis de masculiene kwaliteiten nog steeds als beste beoordelen: dominant, resultaatgericht. Terwijl diezelfde mensen, als ze hun eigen leidinggevende beoordelen, vooral een combinatie van masculien en feminien waarderen. En zelfs als je tegen deze respondenten zegt dat we juist door dit soort gedrag in de problemen zijn gekomen, dan nóg geven respondenten aan dat ze vinden dat dit type leiderschap ideaal is. We hebben dus last van stereotypen als het gaat om ideaal leiderschap: de sterke, daadkrachtige leider. En dat ideaalbeeld spoort meestal niet met onze eigen ervaringen.’

‘Ik zeg niet dat je altijd een combinatie van beide eigenschappen nodig hebt, het androgyne leiderschap, want effectief leiderschap hangt af van de situatie. Maar onderzoek laat wel zien dat het combineren van “hard” en “zacht” vaak tot positieve uitkomsten leidt. En uiteindelijk gaat het dus vooral om het vinden van effectief leiderschap passend bij de situatie. Dus op sommige momenten misschien een het mannelijk type, op andere momenten een vrouwelijk type, en in weer een andere situatie androgyn leiderschap. Je moet dat contextueel bekijken.’

Zijn er voldoende vrouwelijke leidinggevenden?

‘Dat hangt er vanaf wat je als “voldoende” beschouwt. Maar overall kun je zeggen dat het heel langzaam gaat met het aantal vrouwelijke leidinggevenden. Veel bedrijven hebben het charter ‘Talent naar de Top’ getekend, een soort verklaring waarin ze zeggen meer vrouwen in bestuursfuncties te willen. Ik vind dat goed: diversiteit in een managementteam, dat is het beste: in leeftijd, ervaring, geslacht, creativiteit. Een goede mengeling van deze eigenschappen in een managementteam draagt bij aan goede prestaties.’

Tekst: Hans de Preter
Fotografie: Jan Buwalda

 

2 comments

Geef een reactie